Dutch Lesson Online 23 of 33
In Progress

Dutch words: Reading & Writing

Dutch Lesson Online
Materials

Learn Dutch Academy Youtube subscribe

Learn Dutch pdf download

Dutch English Dutch English
Lezen To read Uitlezen To finish reading
De slappe/ hard kaft Soft/ hard cover De bladwijzer Bookmark
De pagina, bladzijde Page De roman Novel
Het stripverhaal Comic Het woordenboek Dictionary
Nakijken To look up Het schrift Exercise book
Het handschrift Handwriting De schrijfwaren (pl.) Stationery
De brief Letter Schrijven To write
De pen Pen De vulpen Fountainpen
De balpen Ball-point De vulling Refill
Het potlood Pencil Het vloeipapier Blotting paper
De gum/gom Eraser Uitgummen/uitgommen Erase
De liniaal Ruler Overschrijven To copy (out)
Opschrijven To write down De schrijfmachine/typmachine Typewriter
De paperclip Paperclip Kopiëren Copy
Het kopieerapparaat Copy machine De schrijver Writer, author
De poëzie Poetry Het gedicht Poem
De dichter Poet Het proza Prose
Het sprookje Fairy tale De bloemlezing Anthology
Het plaatje Picture, illustration De editie, uitgave Edition
Het exemplaar Copy (of a book) De voetnoot Footnote
De krant Newspaper Het dagblad (pl. -bladen) Daily newspaper(s)
Het weekblad Weekly magazine Het maandblad Monthly magazine
Het krantenknipsel Newspaper clipping De rubriek Column
De kop Headline Drukken To print, press
Uitgeven To publish Het tijdschrift Magazine
Het damesblad Women’s magazine De interpunctie, leestekens Punctuation
De alinea Paragraph De punt Full stop, period
De puntkomma Semi-colon De dubbele punt Colon
Het dictee Dictation De (hoofd)letter (capital)letter
Zeer belezen Very well read